Blog

Digitaal is niet het nieuwe normaal!

Digitaal is niet het nieuwe normaal!

Digitaal is het nieuwe normaal. Deze boodschap blijft de overheid maar communiceren. Van verschillende kanten worden we gebombardeerd met berichten dat we op afstand moeten werken, en dan doelt men vooral op thuiswerken. Ook in de onlangs verschenen ‘Landelijk Nota Gezondheidsbeleid 2020-2024’ wordt hier aandacht aan besteed waar onder meer e-health wordt gepromoot.

Af en toe thuis werken biedt voor vele werknemers een prima escape van de hectiek van de dag of van de hectische kantoortuin. Even afgezonderd aan stukken werken thuis kan erg fijn zijn. Het is in dat geval prettig dat er digitale systemen zijn die ons daarbij ondersteunen. Dat is echter iets anders dan roepen ‘digitaal is het nieuwe normaal’. Alleen via schermen communiceren stompt af en staat naar mijn volle overtuiging haaks op hoe we als mens in elkaar steken. Elkaar kunnen ‘ruiken’ in een gesprek is essentieel voor de mens. Elkaar zien, naar body language luisteren, gezichtsuitdrukkingen herkennen, elkaar een hand geven (aanraken) is heel erg belangrijk in communicatie en het vertrouwen tussen mensen. Voornoemde aspecten maken essentieel onderdeel uit van de menselijke communicatie. Dat kan een scherm of email nooit bieden. Digitaal is een hulpmiddel voor de mens, maar kan echte, real time ontmoetingen nooit vervangen.

Organisaties die roepen dat ze alleen nog maar digitale cursussen of webinars willen geven vanwege de vele aanmeldingen en het gemak, ik krijg er rillingen van. Of van bedrijven die het kantoor van de hand doen – (lees: bezuinigen) – door alleen nog thuiswerken aan te bieden aan hun medewerkers. Ik ben ervan overtuigd dat ze hier van terug komen. Zelf heb ik een ruime ervaring met op afstand werken, in het buitenland wonen en op afstand een relatie onderhouden. Wat ik er van geleerd heb? Dat niets op kan tegen een echte ontmoeting. Even iemand de hand schudden, in de ogen kijken, aanraken en overleggen. Het wordt naar mijn mening heel erg onderschat. Dat is ook de reden dat we moeten blijven reizen en elkaar moeten blijven ontmoeten. Uiteraard kan dat duurzamer en meer verspreid over de dag, maar dat is een andere discussie.

Uiteraard was het fijn dat we tijdens de lockdown een alternatief hadden. Als hulpmiddel is het prima. Maar wees nou eerlijk: wie zit er nu te wachten op een zoomborrel of een online cursus? Het gaat toch uiteindelijk om de ontmoeting met mensen en de energie die je ervan krijgt?

Ik ben daar door persoonlijke ervaringen, mede door de lockdown, helemaal van overtuigd. Inspiratie en ideeën opdoen ontstaan door ontmoetingen met mensen, wisselwerking en door te reizen en te bewegen. Niet door naar een scherm te staren afgesloten van de buitenwereld. Dit geldt niet alleen voor de werkende mens, maar ook voor studenten. De afwisseling tussen analoog, les krijgen van een bevlogen docent en door wisselwerking nieuwe kennis opdoen en vervolgens een digitale les is prima. Alleen digitaal werken of studeren stompt de mens af. We krijgen er psychisch beschadigde mensen voor terug. Wie betaalt die rekening?

Digitaal is een hulpmiddel, niets meer!

 

Gezondheid in stad belangrijker dan ooit!

Gezondheid in stad belangrijker dan ooit!gezondheid in stad

Een wat vreemde titel geef ik toe. Gezondheid is eigenlijk het belangrijkste in het leven van mensen. Vaak beseffen we dat pas als we, zoals nu geconfronteerd worden met het Covid 19-virus. Paniek!

Wat de afgelopen maanden wel duidelijk is geworden hoe belangrijk openbare ruimte is en groen in een stad. Kwalitatief goede plekken waar stadsbewoners met amper buitenruimte, zoals bewoners van appartementen, kunnen wandelen, sporten en mensen kunnen ontmoeten. Mensen hebben nu eenmaal behoefte aan contact en beweging is gezond.

Het Corona-virus heeft ook de rijksoverheid doen beseffen dat gezondheid topprioriteit heeft: “Waar het RIVM in de vierjaarlijkse VTV van 2018 nog schreef over de positieve ontwikkelingen op het gebied van volksgezondheid, heeft het nieuwe Coronavirus het toekomstscenario veranderd.” Lees meer in de brief van staatssecretaris Blokhuis van 5 juni 2020.

De afgelopen 18 jaar heb ik als omgevingsjurist in een aantal projectgroepen van woningbouw- of transformatieprojecten van gemeenten gezeten. Ook vaak meegemaakt dat er hard gevochten moest worden om elke m² groen in een project. Dat gaat namelijk weer ten koste van bouwblokken voor woningen en scheelt een hoop geld. Vanuit de visie en belangen van een projectontwikkelaar kan ik dat begrijpen. Het frustrerende is dat de meeste wethouders van gemeenten daar zeer gevoelig voor zijn en onvoldoende tegenwicht bieden. Het financiële belang gaat meestal voor. Dat zien we ook bij de roep om meer woningen. Dat is het credo van de laatste jaren: bouwen, bouwen en nog eens bouwen. Zo veel mogelijk kleine appartementen met Franse balkons. Ze zullen weliswaar voldoen aan de minimale wettelijke vereisten, maar mag het ook wat meer zijn?

Hoewel we gezondheid erg belangrijk vinden, sneeuwt meer groen in een plan, zoals parken en openbare ruimte, meestal onder voor de financiële belangen in een plan. Om tegemoet te komen aan de financiële belangen van projectontwikkelaars – ja, geld is ook belangrijk – moeten er dus andere businessmodellen bedacht worden voor projectontwikkeling. Iets dat groen het nieuwe goud is. Het is gemakkelijker gezegd dan gedaan.

 

Voorgevellijn waar ligt deze?

Voorgevellijn, waar ligt deze?

In het geldende bestemmingsplan is de volgende definitie opgenomen van voorgevellijn: “denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de perceelsgrenzen”. 

Volgens de Afdeling wordt de ligging van de voorgevellijn bepaald door het bestemmingsplan: “Anders dan appellant betoogt is de definitie van voorgevelrooilijn in de bouwverordening in dit geval niet relevant. Nu het bestemmingsplan regels bevat met betrekking tot de in aanmerking te nemen voorgevellijn, wordt niet aan de betekenis van dit begrip volgens de bouwverordening toegekomen. De omstandigheid dat deze definitie niet zonder meer duidelijkheid biedt over de vraag waar de voorgevellijn feitelijk is gesitueerd, maakt dit niet anders. (…) Indien op grond van het bestemmingsplan niet kan worden vastgesteld waar de voorgevellijn ligt, is de feitelijke situatie doorslaggevend voor de vraag welke zijde van de woning als voorgevel moet worden aangemerkt. (…) Anders dan appellant heeft aangevoerd is ook de definitie van voorgevel in artikel 1 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht niet relevant, omdat in dit geval de vraag aan de orde is of het bouwplan in overeenstemming is met het bestemmingsplan. Dat betekent dat aan de planregels moet worden getoetst en niet aan de regels van het Besluit omgevingsrecht.  (…)

Feitelijke situatie is doorslaggevend – De definitie in het bestemmingsplan biedt niet zonder meer duidelijkheid over de vraag waar de voorgevellijn feitelijk is gesitueerd. (…) Voor de beantwoording van de vraag waar de voorgevellijn van de te bouwen woning zich bevindt, is de feitelijke situatie doorslaggevend. (…). Lees meer in r.o. 3.2 van uitspraak ABRS 15 januari 2020, no. 201903433/1/A1.

Zichtlijnen landschap beschermen door planregels

Zichtlijnen landschap beschermen door planregels

zichtlijnen landschap
bron: landschapinnederland.nl

Het komt niet vaak voor dat een rechter meegaat in bescherming van zichtlijnen in een landschap. Uiteraard hangt dit af van het bestemmingsplan en het beroep. Maar het is positief dat het gebeurt.

Het bestemmingsplan in kwestie maakt de bouw mogelijk van een vrijstaande woning in het buitengebied. Appellant vreest een belemmering van de zichtlijnen naar het achterliggende landschap. Verder past volgens hem de woning niet in het karakter van de lintbebouwing. Volgens appellant verandert de kwaliteit van het landschap door de woning en de bijgebouwen die mogelijk worden gemaakt door het bestemmingsplan.

Het plan voorziet in de bouw van één woning gelegen tussen twee bestaande woningen in een bestaand lint. De beoogde woning ligt in een droogmakerijenlandschap. Als richtpunt dienen nieuwe ontwikkelingen in de droogmakerij te worden vormgegeven als eigentijdse objecten aan de ontginningslijnen, passend bij de schaal en het patroon van de rechthoekige verkaveling, met strakke groene omzoming en behoud van ruime doorzichten.

De Afdeling overweegt ten aanzien van de doorzichten als volgt: “(…) Op grond van de planregels is het mogelijk om ook buiten het bouwvlak bijbehorende bouwwerken te plaatsen tot aan de erfgrens, waardoor over de gehele breedte van het plangebied bebouwing kan worden geplaatst. (…) Daardoor kunnen (…) op het perceel over een lengte van 27 m bijgebouwen met een diepte van 2,5 m worden gebouwd tot aan de zijdelingse perceelsgrenzen. Daarmee zijn geen doorzichten meer mogelijk over het perceel naar het achterliggende landschap.” Lees meer in r.o. 7.6 van uitspraak ABRS 11 december 2019, no. 201808569/1/R3.

Meer meer informatie over droogmakerijen.

Deze uitspraak leert dat het belangrijk is om landschappen en bijbehorende zichtlijnen te beschermen via planregels in een bestemmingsplan (of vanaf 2021 het omgevingsplan).

Walkable city – 8 vuistregels

Onlangs heb ik een hele leerzame conferentie bijgewoond in de VS (Savannah, Georgia) waar onder meer Jeff Speck een lezing hield over the Walkable city.

walkable city
Bebouwing en inrichting op menselijke schaal

Hoewel we in Nederland (en in Europa) een traditie hebben van ‘wandelsteden’ staan we hier denk ik niet zo bij stil omdat we het eigenlijk ‘normaal’ zijn gaan vinden. Het gebruik van de auto is echter ook in Nederland nog steeds erg dominant, ook in binnensteden. Al is dit niet te vergelijken met Amerikaanse steden zoals Houston of Los Angeles. Op de conferentie kwamen de volgende vuistregels voor het ontwerpen van een wandelvriendelijk buurt of stad naar voren (vrij vertaald):

  • Ruim plaats voor auto’s in. De auto zal ook de komende jaren nog steeds een belangrijke rol vervullen in het vervoer. Zorg ervoor dat bijv. aan de rand van een buurt plek is om auto’s te parkeren.
  • Zorg voor gemengde functies in de buurt of binnenstad.
  • Het OV moet een goed alternatief zijn voor de auto, bijv. winst op snelheid.
  • Bescherm de voetganger en/of wandelaar. Een veilig gevoel zal ervoor zorgen dat meer mensen zich meer te voet verplaatsen in een buurt/stad.
  • Verwelkom meer fietsers; leg meer fietspaden aan.
  • Maak ruimte voor voetgangers in het ontwerp; ontwerp vanuit de voetganger in plaats vanuit de positie van de auto.
  • Plant meer bomen in binnensteden.
  • Zorg voor een aantrekkelijke eerste laag (de plint) van een gebouw of inrichting van een plek op ooghoogte. Mensen wandelen graag langs plekken waar ook andere mensen verblijven of lopen, bijv. terrassen.